Bijbellezing Jozef (14)
Zingen: Psalm 51 : 1
Dordtse Leerregels, hfdst. 5, par. 13
Zingen: Psalm 16 : 6
Schriftlezing: Genesis 44 : 18 – 45 : 8
Zingen: Psalm 86 : 3 en 8
Zingen: Psalm 33 : 6 en 7
Zingen: Psalm 133 : 3
’Wonderlijke gebeurtenissen’. We letten op:
1) Benjamin, de beklaagde die zwijgt
2) Juda, de borg die pleit
3) Jozef, de Zafnath Paänéah die spreekt
Vragen voor onze kinderen en jongeren:
1.Hoe zijn de elf broers weer bij Jozef gekomen?
2.Waarom zal Jozef zo blij geweest zijn? En wat zegt de strenge onderkoning als eerste?
3.Wat zegt Juda (vers 16) en wat stelt hij voor?
4.Welke woorden lezen we van de ‘beklaagde’ Benjamin?
5.Hoe lijkt deze jongste broer op een zondaar die aan de voeten van de hemelse Rechter komt?
6.Welke dingen gaat Juda vertellen die waarschijnlijk nieuw geweest zijn voor Jozef?
7.Wat is uiteindelijk het voorstel van Juda? Op Wie lijkt Juda hier?
8.Waarom lezen we ‘toen kon Jozef zich niet bedwingen’? En waarom moeten alle Egyptenaren weg?
9.Welke bekende woorden zegt Jozef twee keer? Hoe lijkt hij hier op de Heere Jezus?
10.Verlang jij ernaar om aan de voeten van de Meerdere Jozef te komen? Hoe gaat dat in het leven van een zondaar?

