Liturgie D.V. Zondag 26 juli

 

09.30 uur

Zingen:           Psalm 27: 1

Zingen:           Psalm 119: 43

Schriftlezing: Efeze 5: 1-21

Zingen:           Psalm 36: 2 en 3

Zingen:           Psalm 41: 6

Zingen:           Psalm 89: 7

 

Tekst: Efeze 5:8 Want gij waart eertijds duisternis, maar nu zijt gij licht in den Heere; wandelt als kinderen des lichts

 

Thema: Duisternis en licht

1. De duisternis gekend (Want gij waart eertijds duisternis)

2. Het licht ontvangen (maar nu zijt gij licht in den Heere)

3. Het licht verspreiden (wandelt als kinderen des lichts).

 

Vragen voor onze kinderen en jongeren

1. Hoe komt het toch dat we niet zien dat we in geestelijke duisternis zijn.

2. Kan een mens van zichzelf de duisternis in licht veranderen?

3. Heb je wel eens met verwondering gezien dat elke dag het licht weer schijnt in de natuur?

4. Waarom moeten wij acht geven op het Woord als een licht?

5. Als door de Heilige Geest het licht in je hart opgaat, wat zie je dan?

6. Wat betekent dat: licht in den Heere?

7. Iemand schreef: ook al heb je weinig van dat geestelijke licht, dan zie je toch meer dan de wereld, die blind is. Kun je dat begrijpen?

8. Waarom staat er: wandelen en niet: lopen als kinderen des lichts?

9. Strijd je ook zo met de werken van de duisternis, misschien een boezemzonde? Kom je er niet van los? Bij Wie moet je dan zijn?

10. Hoe zou het komen dat er soms donkere wolken zijn in het leven van Gods kinderen?

 

 

16.30 uur

Zingen:           Psalm 43: 1 en 5

Zingen:           Psalm 106: 24

Schriftlezing: Psalm 106: 1-23

Zingen:           Psalm 106: 1, 2 en 3

Zingen:           Psalm 26: 7 en 8

Zingen:           Psalm 32: 6

 

Tekst: Psalm 106:4 en 5 Gedenk mijner, o HEERE, naar het welbehagen tot Uw volk, bezoek mij met Uw heil,
Opdat ik aanschouwe het goede Uwer uitverkorenen; opdat ik mij verblijde met de blijdschap Uws volks; opdat ik mij roeme met Uw erfdeel.

 

Thema: Een gebed om te mogen delen in Gods heil

1. De vrijmoedigheid in dit gebed (Gedenk mijner … tot Uw volk)

2. De inhoud van dit gebed (bezoek mij met Uw heil)

3. De redenen voor dit gebed (Opdat … Uw erfdeel)

 

Vragen voor onze kinderen en jongeren

1. In Psalm 106 lezen we op een aantal plaatsen over een tegenstelling tussen wat het volk Israël deed en wat God deed. Kun je een paar van die tegenstellingen noemen?

2. Hoe kan het toch dat het volk welgelukzalig wordt genoemd (vers 3) bij zoveel zonden die we in het vervolg lezen?

3. Hoe zou je omschrijven wat welbehagen betekent?

4. Op welke twee manieren kan God een mens bezoeken?

5. Uw heil (zaligheid). Waar lezen we in de Bijbel meer over: Uw zaligheid?

6. Verlang je naar dat heil?

7. Zou de Heere dat wel willen geven?

8. Wat is het goede van Gods uitverkorenen?

9. Gods kinderen zijn vaak bedroefd, terwijl zij worden opgeroepen om zich in de Heere te verblijden. Hoe zou de oorzaak daarvan kunnen zijn?

10. Is de dichter eigenlijk niet een beetje egoïstisch als hij steeds zegt: opdat ik, opdat