Liturgie DV zondag 11 mei

Morgendienst

 

Zingen:            Psalm             45 : 1  

Zingen:            Psalm           103 : 5

Schriftlezing:  Johannes      21 : 1  – 14

Zingen:            Psalm           130 : 1, 2 en 3

Zingen:            Psalm             81 : 1 en 12

Zingen:            Psalm           147 : 6

 

‘Jezus en de discipelen’.

1) discipelen op de zee (vs 1-3)

2) Jezus op de oever (vs 4)

 

Vragen voor onze kinderen en jongeren:

1.Met welke vraag begint de preek? En wat is daarop jouw antwoord?

2.Waarom verlangen ware christenen daar steeds weer naar?

3.Wat is ‘openbaren’ precies en waarom willen we dat niet?

4.Welk groot wonder ligt er toch achter dat ‘moeilijke’ geheim?

5.Waarom zijn de discipelen weer terug in Galilea? Wat was daar allemaal gebeurd?

6.Hoe zijn de discipelen erbij gekomen om weer het schip in te gaan?

7.Welke discipel neemt weer zoals vroeger het voortouw?

8.Is het verkeerd als Gods kinderen bezig zijn met aardse, dagelijkse dingen?

9.Waarom zorgt de Heere ervoor dat er die nacht niet één visje in het net zwemt?

10.Welk heerlijk wonder lezen we in vers 4? En waarom herkennen de discipelen hun Meester niet?

 

 

Middagdienst, leerdienst Heidelbergse Catechismus Zondag 1A

 

Zingen:                         Psalm       27 : 5

Zingen:                         Psalm       24 : 4

Schriftlezing:              Jesaja       40 : 1 – 11

Zingen:                         Psalm     119 : 25, 38 en 83  

Zingen:                         Psalm       56 : 4 en 6

Zingen:                         Psalm       73 : 13

 

‘De enige troost’.  We horen van:

 1) verlossing door de Zoon (vr.antw.t/m verlost heeft) 

 2) bewaring door de Vader (en alzo t/m dienen moet)

3) verzekering door de Geest (waarom t/m maakt)

 

Vragen voor onze kinderen en jongeren:

1.Kun je voorbeeld waarmee de preek begint navertellen?

2.Waarom gaat het in vraag 1 over leven en sterven?

3.Zoek jij weleens ‘troost’ of zoek je naar de enige ‘troost’?

4.Wat is het verschil tussen ‘van jezelf zijn’ en ‘het eigendom van Jezus zijn’?

5.Hoe noemt een ware gelovige de Middelaar en wat betekent dat?

6.Hoe weten we dat het een ‘hoge’ prijs was die Jezus betaalde voor de  Zijnen?

7.Wat horen we van God de Vader?

8.Kun je het voorbeeld van het ‘treinkaartje’ navertellen?

9.Welke twee dingen geeft de Heilige Geest in het hart van de ‘gekochten met bloed’?

10.Zoek jij deze enige troost? Waar en hoe?